Laatste update zaterdag, 16 mei 2026
maandag, 13 april 2026 Prikbord
Op vrijdag 3 april overleed Hans Hiemstra. Ter nagedachtenis plaatsen we hierbij, met toestemming van zijn familie, zijn levensverhaal zoals dat werd uitgesproken tijdens zijn drukbezochte afscheid in Nij Andringastate.
Afscheid Hans Hiemstra op 11 april 2026
Beste familie, vrienden, buren, kennissen en dorpsbewoners
Wat fijn dat u in zo’n grote getale hier bent gekomen. Dit zal de familie vast tot steun zijn.
Ik doe dit in het Nederlands omdat hier veel niet Friestaligen zijn en ook omdat via de live stream veel buiten Friesland en zelfs vanuit Canada meegekeken wordt. “If field in bytsje fremd omdat Hans en ik altyd Frysk mei-inoar sprutsen”.
Vrijdagavond 3 april overleed Hans in bijzijn van Aukje, Gerard en Sytske, Wijnand en Ester en kleinkinderen Wessel, Jorrit, Femke en Lianne. Er ging een hele lange periode van afnemende gezondheid aan vooraf. Twee jaar geleden kreeg hij te horen dat hij een akelige en progressieve longziekte had. Hij moest steeds wat levenskwaliteit inleveren. Maar ook altijd wist hij, met steun van Aukje, een soort van balans te behouden. En deed hij zo goed en kwaad als het ging, zijn ding. Misschien langzamer, maar toch.
Op 12 maart werd hij nog een paar dagen opgenomen in het ziekenhuis. Zijn longfunctie ging verder achteruit. De artsen konden niks meer voor hem doen. Een harde boodschap. De laatste tijd was zwaar. Hij had heel weinig lucht. Hij kwam aan de zuurstof. Permanent! Na een paar dagen kwam hij thuis. Zuurstoffles aan zijn zijde, het was niet anders. Met enige moeite kon hij nog boven komen. Wat zou het mooi zijn als hij zo nog een tijd door zou kunnen. Hans en Aukje hadden er wel enig vertrouwen in. Toen ik eind maart vroeg of ik eens een bakje koffie kon komen drinken, antwoordde hij dat het die week slecht uitkwam, maar dat het volgende week misschien wel zou kunnen. “We houden contact”, was zijn laatste appje. Het kwam er niet meer van.
Vrijdagmorgen 3 april gaf Hans aan dat het wat hem betrof zo genoeg was. Hij had de balans opgemaakt. Niet dat hij dacht aan euthanasie, maar verder leven zonder voldoende lucht, was voor hem geen optie meer. Hij vond de kracht nog om Aukje, Wijnand, Ester, Gerard en Sytske en de oudste kleinkinderen persoonlijk om de beurt nog persoonlijk toe te spreken. Een dankbaar moment, een moment dat jullie altijd bij zal blijven. Niet lang daarna gleed Hans weg. Een dieptriest moment, maar tegelijkertijd opluchting dat hem verder lijden gespaard gebleven is. “De sykte hat him inhelle”, zo zei Aukje treffend.
Zaterdagavond luidden de kerkklokken om 7 uur. Zo werd bekendgemaakt dat een Marsumer ons ontvallen was. Diezelfde klokken hebben zojuist weer geluid. Toen Hans uit zijn woning gedragen werd en hij zijn laatste rit maakte.
Hans werd op 24 juni 1949 geboren, in de Skoallestrjitte (De Achterdyk hoor ik Hans zeggen). In het huis waar Tjalling en Elly Algra nu wonen. Zijn ouders waren Wiebe Hiemstra en Ybeltje Kingma. Hans was een jongere broer van Akkie en Tjipke.
Hans zei altijd dat hij een geweldige jeugd heeft gehad in Marsum. In de 1e plaats omdat hij vond dat hij geweldige ouders had. Aukje bevestigde dat. Je zei: “Zij was een geweldige schoonmoeder, zeer zorgzaam. Als er wat was, dan stond ze direct paraat. Lieve ouders en schoonouders. Tekenend voor hun huiselijke warmte was ook dat ze pake Johannes Kingma in huis namen toen zijn vrouw Akke van der Heide langdurig opgenomen werd. Twaalf jaar lang woonde hij bij hun in. Zolang, dat je later het loopje van pake Johannes terug zag bij Hans. Ook een vluchtelingenkind uit oost Duitsland vond een tijdelijk warm huis bij de familie Hiemstra.
Hans ging naar de kleuterschool in de Binnenbuorren. Daarna naar de lagere school “It Swellenest”. Met juffrouw Postma, meester Van der Meulen en meester Steenbeek. Hij zat in een klas van wel 24 leerlingen. De grote van de klas kwam omdat vroeger het schooljaar liep van april tot april. Net toen Hans naar school ging veranderde dat in september naar september. In zijn klas zaten maar 4 meisjes. De overdaad aan jongens maakte het meester Steenbeek niet altijd makkelijk. Er werden veel kwajongensstreken uitgehaald. Hans liep daarbij niet voorop, maar volgde het op de voet en kon er decennia laren nog in geuren en kleuren over vertellen.
Klasgenoten waren o.a. Gerrit Julianus, Herman Sybrandy, Jan Wiering, Lammert Breuker, Wieger Vellinga, Yde en Sije Giesing, Henk Klasinga, Henk Keestra, Ytsen Zuiderveld en Boukje Rekker. De laatste, dat was zijn grote vriendin waar hij veel contact mee gehouden heeft.
Vader Wiebe werkte bij de zuivelfabriek als melkontvanger. In de 2e helft van de 60-er jaren verhuisden ze naar de fabriekswoningen aan de Rypsterdyk. Als laatste naar nummer 6. Toen nog in bezit van de privaatton. Een groot deel van Hans zijn jeugd speelde zich af op de Rypsterdyk, Haven, Buorren en Skoallestrjitte. Warme herinneringen had Hans aan het met elkaar spelen. Krullebolje siekje, noemde hij. In die tijd kwamen er nog skûtsjes in de Haven. Vooral met de Marsumer merke. Hij hielp graag mee om de schepen leeg te krijgen en de spullen naar het schoolplein te sjouwen. Ook mocht hij graag bij transportbedrijf Giesing omhangen (daar was altijd wel wat te beleven). Of iets verderop bij het CAF depot van Wiep/Keeses. Hij mocht wel mee op de auto bij de boeren langs. Hans was maar wat trots dat hij de “melkputsjes” met geld bij de boer brengen mocht.
Hij was bevriend met Theo Kuperus en Johannes Dijkstra. Met hen ging hij in zijn tienerjaren wel naar de disco in Berltsum. Zo ook in april ’67. Op de terugweg verongelukte de 17 jarige Theo en Johannes raakte zijn voet kwijt. Een auto reed hen aan. Ruim 5 jaar later verloor hij opnieuw een vriend. Johannes kwam om bij een ongeluk. Hans droeg die herinnering zijn leven langs met zich mee.
Na de lagere school ging Hans naar de LTS, hoewel hij misschien wel naar de Mulo had gewild. Maar het advies van de lagere schooldirecteur was in die tijd bijna bindend. Leerlingen die een Mulo advies kregen, mochten bijles volgen. Hans dus niet. Dat voelde voor hem onrechtvaardig. Juist iemand die moeite heeft met leren moet bijles hebben, vond hij. In zijn latere leven kwam deze ervaring bij tijd en wijle weer boven. Het wrong met zijn sterk rechtvaardigheidsgevoel.
Hans haalde zijn diploma als machinebankwerker. Hij ging werken bij Hermus landbouwvoertuigen en later bij Postma-Veenstra, waar hij een paar jaar met zijn oudere broer Tjipke werkte. Beiden waren nogal muzikaal en als Tjipke een liedje floot, dan floot Hans de 2e stem. Dat deden ze zo goed, dat de dames van het kantoor zelfs kwamen te luisteren en er van genoten.
Hans ging in militaire dienst, eerst in Nijmegen, later als vliegtuigtrekkerschauffeur op vliegbasis Twente en op vliegbasis Leeuwarden. Hans wilde bij de Luchtmachtkapel. Hij was daar zeker voor uitgekozen, maar een naamsverwisseling zorgde ervoor dat een ander op zijn plek kwam. Jammer, want het had Hans heel goed gepast. Nu liep hij weer een teleurstelling op.
Hans had geregeld een scharreltje, hij wist het vrouwelijk schoon te waarderen, maar had nog geen vaste relatie. In september 1967, 18 jaar oud, hielp Hans op een trouwerij van familie mee. Schuin tegenover hem zat een leuk meisje, ene Aukje. Het klikte en ze zouden samen wel eens naar Berltsum. Het was het begin van een levenslange relatie. Op 28 december 1972 traden Hans en Aukje in het huwelijk. Ze kwamen te wonen op de Eets v. Hiddemastrjitte 18. De huwelijksnacht werd opgesierd door een bed vol spliterwten. Hans zijn zus Akkie heeft er later snert van gekookt. Tja, in die tijd gooide je niks weg.
Toen hij samen met Aukje stond te wachten op de LAB bushalte op de E-10, bij garage van der Wal (nu Keukencentrum) vroeg hij zich af of hij geschikt zou zijn voor buschauffeur. Het was het begin van een lange carrière. Op 3 mei 1971 kwam hij in dienst bij de Fram. Wel op voorwaarde dat hij eerst een jaar in Zeist ging werken, waar een tekort aan chauffeurs was. Hans ging in de kost bij Henk en Sanny Dekker. Het werden vrienden voor het leven. Het toont hoe trouw Hans was in zijn keuzes. Eenmaal in zijn hart, was altijd in zijn hart.
Wynand is geboren in 1976. Ouderen onder ons kunnen zich vast nog wel herinneren dat het toen zo’n droge en hete zomer was. De hoogzwangere Aukje wist niet meer waar ze het zoeken moest. Een ventilator hadden ze niet. Gelukkig is Wijnand heelhuids ter wereld gekomen. Gerard is in februari 1979 geboren. En velen onder ons weten zich die winter vast nog wel heel goed te herinneren. Het was een hele strenge, barre winter met zoveel sneeuw dat de dorpen onbereikbaar waren. De bevalling moest in het Triotel in Leeuwarden plaatsvinden. Huisarts Kolff bracht ze in de auto. De rit duurde lang met al die sneeuw en de voorzichtige chauffeur. Aukje haar weeën werden steeds heftiger. “Skjit op”, dacht ze. Maar ook dit kwam goed.
Het jonge ouderpaar ging een pracht tijd tegemoet op de Eets v.Hiddemastrjitte. In de net gebouwde wijk veel contact met mede bewoners Siebren en Truus, Sjoerd en Sijke, Doeke en Jeltje en Germ en Gerry vd Schaaf. Ze gingen met Doeke en Jeltje vaak naar dansavonden, carnaval, kerstbal enz.
Muziek speelde een grote rol in Hans zijn leven. Waarschijnlijk meegekregen vanuit huis. Zijn ouders zaten beiden bij het Onthouderskoor. In Marsum zat hij bij de drumband. Dit kon hij heel goed. Zo goed, dat hij gevraagd werd om een van de 1e slagwerkers te worden bij het beroemde Pasveerkorps in Leeuwarden. Dan moest je wel wat in je mars hebben.
Het is nu een mooi moment om even tijd in te lassen om te luisteren naar een muzieknummer die Hans mooi vond. Donna Carmela van Ben Steneker. Twee keer hebben Hans en Aukje een concert van hem bijgewoond. Ook aan de andere nummers tijdens het afscheid hebben ze persoonlijke en dierbare herinneringen.
Hans en Aukje hebben ruim10 jaar in die nieuwbouwwijk in Marsum-oost gewoond. Toen wilden ze wel naar een andere plek. De Bitgumerdyk vormde een soort psychologische barrière tussen hun woonwijk en de rest van het dorp. Hans was eenverdiener en de hypotheekrente was toen extreem hoog. Een huis kopen was niet zomaar klaar. Sjoerd Bakker, medewerker van de Rabobank tipte Hans. Ymie bij de Leij wil haar huis wel kwijt. Hans erheen. En gelukkig, Ymie gunde het hun wel. Op 23 juli 1983 verhuisden ze naar de Poptastrjitte. Het was een goede zet, weer wonen in de kern. En Hans woonde weer dichtbij zijn moeder en dichtbij de plek waar hij opgegroeid was. Met veel plezier hebben ze daar tot op heden gewoond. Ze hebben met verbouwingen daar echt hun eigen plekje van gemaakt. En,… het is het enige huis in Marsum met een eigen bushalte. En mooie herinneringen ook weer aan het contact met de buren, o.a. Kees en Marie en Oene en Saakje. Vlakbij hun woonde ook Japich jongsma. Een wat bijzondere vrijgezelle man. Ze lazen de Leeuwarder krant samen met hem. Dus vaak eens even een kort praatje bij het ontvangen van de krant. Aukje raakte op een gegeven moment wel uitgepraat, maar Wijnand en Gerard dachten daar wat anders over. Toen Japich er weer eens aan kwam met de krant, zeiden ze: “U kunt gerust wel naar binnen gaan hoor, want onze moeder heeft de koffie al klaar”.
Hans en Aukje schaften in 1985 een vouwwagen aan. Ze gingen er geregeld mee weg. Eerst nog met de beide jongens. Ze hadden niet veel nodig om te genieten. Beiden waren niet in weelde opgegroeid. Beiden hadden geen grote eisen. Rijk en tevreden voelen met wat je hebt. “Rykdom sunder sinten” zei onze dorpswinkelierster Maaike Smits altijd. Even met de auto naar Harlingen of Makkum. Wat mooi. Later gingen ze op vakantie in Oostenrijk met de caravan. Fijne herinneringen hadden ze daar aan.
Ook prachtige herinneringen aan de reizen naar Canada. Op bezoek bij Geert en Willy, de zus van Aukje en haar familie. In 2002 en daarna om de drie jaar zijn ze hier geweest. De laatste keer in 2022 bij het overlijden van zwager Geert. Hans wilde nog wel eens, maar het kwam er niet echt van. Hij schoof het wel eens wat voor zich uit. De jongens hadden in de gaten dat hij niet meer al te lang moest wachten, maar toen zijn gezondheid afnam, kwam het er niet meer van. Gerard bedacht een plan. “At heit net meer naar Canada kin, dan moat Canada hjir mar komme”. In het geheim schreef Gerard een brief naar Robert ten Brink om een verassingsbezoek van de Canadese familie te regelen. Wat zou dat prachtig geweest zijn, wat zou hij daarvan genoten hebben, maar helaas,….. het was te laat. Zijn gezondheid stond het niet meer toe.
Nog even terug in de tijd:
Hans was natuurlijk een op en top Marsumer. Geboren en getogen. En ook actief in het dorpsleven. Als kind speelde hij al graag toneel, maar later ook als speler bij revues en stukken van toneelvereniging OKK. Afgelopen week had ik nog een buurpraatje met Griet Smits. Ze vertelde me dat ze samen met Hans een verlegen verliefd stel speelden. Die rol lag hun wel, want beiden waren niet zo doldriest. Ze herinnert zich nog goed hoe serieus Hans met het toneel bezig was. Maar ook hoe ze na de repetities aan de bar even napraten en dan de meeste lol hadden onder het genot van een biertje. “Pine bûk fan it leitsjen”. Het werd dan laat, soms 1 uur ’s nachts. Maar, …… alleen als Hans de volgende ochtend niet op de bus hoefde. Want plichtsbesef had hij als geen ander.
Hans heeft ook in de redactie van de dorpskrant gezeten. In meen dat hij eind 75 erin is gekomen. Opvolger van Johannes Bouma. Hij heeft hier 15 jaar ingezeten. Als speciale taak had hij het distribueren van de dorpskranten langs de rondbrengers. Zelfs deed hij bûtenut en Ritsumasyl. Wijnand en Gerard herinneren zich de autoritjes nog goed. De redactievergaderingen waren gelukkig altijd gezellig. Dat was een voorwaarde voor Hans. Absoluut geen zin aan fricties in de samenwerking.
Hans was ook betrokken bij het organiseren van het jaarlijkse Ouderenreisje. Met de touringcar er een dag op uit. Om kosten te besparen trad Hans ook zelf wel op als chauffeur. Maar in de touringbus hoort er onderweg wel een praatje bij. Mem Ybeltje zat ook in de bus. Pas na een tijdje had ze in de gaten dat het haar eigen zoon was die hen toesprak. Misschien kwam het omdat hij Nederlands praatte. Daar werd hij na afloop nog wel even over onderhouden door een frysksinnige inwenner. Hij mocht nog wel eens mee als chauffeur, maar dan wel Fries spreken!
Hans was liefhebber van kaatsen. Dat komt mooi uit als je in Marsum woont. En al helemaal als blijkt dat zijn zoon Gerard daar goed in is. Wat was hij trots toen Gerard de Freule won met Jouke en Hendrik Jorritsma. Daarna hebben hij en Aukje geen Freule meer gemist. De PC stond ook dik onderstreept in zijn agenda. Dan was hij altijd in Franeker op it Sjûkelan present.
Ook was hij actief bij de kaatsvereniging. Perken leggen voor het jeugdkaatsen en competitiekaatsen, eerst met Durk Wiersma, later met Gosse Miedema.
Hij hielp ook mee met het opbouwen van het kaatsveld voor de Merke. Eerder was hij al actief om het café klaar te maken voor het matinee. Toen cafébaas Nauta hem vroeg, zei hij geen nee. Als Hans maar even kon was hij er om de Nauta’s en Klaas van Wieren te helpen. Aukje hielp mee om de dinsdag na de kermis de boel weer schoon te krijgen.
En ook later, als er een beroep op hem gedaan werd en hij maar enigszins kon, dan hielp hij mee. Vorig jaar nog met de wandeltocht “Slinger fan Marsum”, hielp hij mee met het ophangen van de slingers door het dorp, terwijl het toen voor hem al een inspanning was.
In 2014 ging Hans met pensioen, 43 jaar buschauffeur. Met hart en ziel gedaan. Zelfs voor ritten naar Alkmaar op de vroege nieuwjaarsmorgen draaide hij de hand niet voor om. Lekker rustig, zei Hans. Reorganisaties waren niet zijn liefhebberij. Vernieuwingen mochten hem wel voorbij gaan. Hij trapte dan wel eens op de rem. Kon pissig worden als daarbij collega’s onrecht aangedaan werd. Ook was hij een collega die altijd bereid was om in te vallen, om te ruilen. Hij stond klaar voor zijn collega s. Wel wilde hij altijd het laatste woord hebben, “Hans hie dumny wurde moatten” zo hoorde ik deze week nog van een oud collega.
Sinds juni 2018 hielp hij mee om het kerkhof te onderhouden. Elke maandagochtend met een groepje mannen aan de slag. De maaimachine is een zwaar apparaat. Sybren kwam er niet aan. Veel te belastend voor de rug. Maar Hans draaide zijn hand er niet voor om. Hij was zo sterk als in dyk. Het belangrijkste moment was het gezamenlijk koffiedrinken. Onder de toren praten over de dingen van de dag, maar vooral over oud Marsum. Vroeger had bijna iedereen hier een bijnaam, een scheldnaam. Als we het hadden over Arjen Slurf, of over Marten Godvergemie dan schudde hij de ene na de andere scheldnaam uit de mouw. Wat wist hij er veel.
Door zijn afnemende gezondheid kon hij de laatste twee jaar niet altijd meer mee helpen. Wat waren we blij dat hij toch weer kwam. Rustig schoffelen, rechtop staan en wat langer koffiedrinken. Met Hans altijd gezellig. En als hij thuis kwam bij Aukje kreeg hij steevast de vraag: “En wie der noch wat nijs”? Nou dat was er wel, want onder de toren werd heel wat afgekletst.
In de winter had Hans minder vrije tijdsbesteding. De mannensoos was niks voor hem. Hij hield niet van biljarten en kaarten.
Gelukkig was er altijd muziek. Hans genoot daarvan. In 2014, na zijn pensionering, leerde hij zelfs trekzak spelen. Samen met Aukje naar les. Maar nooit samen les krijgen. Dat was toch echt een individuele bezigheid. Hij heeft er 7 jaar lang van genoten. En wat vond hij het prachtig toen in augustus 2022 hij nog eens met een groepje Marsumers trekzak kon spelen in de poort van het Poptaslot. Hij genoot ook volop van zulke muziekavonden.
Gelukkig was er ook altijd het sociale. Het praatje met buren of dorpsbewoners, maar ook met mensen van heinde en verre. Waar ze ook waren, ze kwamen altijd wel weer mensen tegen die ze op 1 of andere manier kenden. Zelfs in Canada. Ze kwamen altijd met een verhaal thuis, zeiden de jongens.
Hans is sociaal, maar wat schetst hem nog meer. Als je je oor te luisteren legt in het dorp hoor je het volgende: “Bescheiden, een hart van goud, een schat van een man, eerlijk en oprecht, duidelijke mening, soms ook emotioneel, een woord is een woord, rustig, serieus maar ook humorvol, betrouwbaar, geïnteresseerd in de ander, gevoelig, sterk rechtvaardigheidsgevoel, kon zaken heel goed op waarde schatten, wist hoe de hazen liepen, hekel aan persoonlijke conflicten en vooral heel erg gek met zijn vrouw, kinderen en kleinkinderen. Kortom; een hele fijne echtgenoot en een hele fijne vader en grootvader. Dat wil niet zeggen dat hij alles maar accepteerde. Toen Gerard eens een misstap maakte, peperde Hans hem dat goed in. Dat kon niet nog eens, zo maak je de familie Hiemstra ten schande. Gerard heeft het geweten.
Wat zal Hans gemist worden. Wat zullen jullie hem gaan missen. Zeker voor Aukje zal het een hele opgave worden om verder te gaan. Heel veel steun, kracht en ook warmte vanuit jouw omgeving toegewenst.
Gelukkig Aukje, ben jij ook een echte Marsumer geworden. Je voelt je hier helemaal thuis. Je bent in staat om de warmte vanuit het dorp te ontvangen. Je hebt een groot sociaal netwerk, je zit bij verschillende groepen, je wordt gewaardeerd en je bent gezien. Velen zullen er voor jou zijn. Ik hoop dat jij je aan deze sociale kachel kunt warmen. Dat het jou steun mag geven.
En Hans, als laatste een woord aan jou
Jij hebt veel gegeven, het was fijn jou te kennen, bedankt wat je voor ons gedaan en betekend hebt.
En, …….. we houden “contact”

16-05-2026 Prikbord
02-05-2026 Prikbord
02-05-2026 Prikbord
05-05-2026 Kerknieuws
14-03-2026 Kerknieuws
28-01-2026 Kerknieuws
10-05-2026 Vliegbasis
09-05-2026 Vliegbasis